Loslaten van je “volwassen kind”…..kan dat wel?

Een tijdje geleden werd ik gevraagd een artikeltje te schrijven over het thema ‘loslaten van je (jong) volwassen kind met AD(H)D’. De link naar het artikel staat ook op de blog pagina, maar graag schrijf ik er nog wat over. Het artikel is voor de vereniging Impuls en Woortblind, die zich inzet voor de belangen van mensen met AD(H)D en dyslexie. Als je lid bent van deze vereniging krijg je bij mij 10% korting op een coachingstraject van 5 keer.

Dit thema is misschien wel het moeilijkste onderwerp waar ouders van (jong) volwassenen mee bezig zijn. Ik ben nog geen ouder tegengekomen die hier niet mee worstelt.

Wel of niet financieel blijven ondersteunen? Tot hoever? Wel of niet met zachte of hardere hand ‘stimuleren’ om het ouderlijk huis te verlaten? Hoeveel opleidingen kan/mag je ‘kind’ doen op jouw kosten? Tot welke leeftijd is het normaal dat er een warme maaltijd klaarstaat, de was wordt gedaan? Wil je er dan ook iets voor terugzien, bv in meehelpen in huis, studieresultaten, stappen die actief gezet worden op weg naar volwassenheid? En wat als je die stappen helemaal niet ziet?

Wie de antwoorden weet, mag zich melden. Daarbij, je hebt de theorie en de praktijk. En die zijn soms wel heel lastig met elkaar te rijmen. 

Je kunt het gevoel hebben dat het genoeg geweest is. Of twijfelen, of je misschien wel het volwassen worden van je zoon of dochter tegenhoudt. Dat je strenger moet optreden, meer en beter grenzen stellen, zodat je zoon of dochter niet anders kan dan volwassen stappen zetten. Niet werken of geen opleiding doen, dan heb je ook geen geld en kan je dus ook geen kleding kopen en eigenlijk heb je ook niets te eten. Laat staan een telefoon hebben. Dat zie je toch wel eens in die programma’s, waarin ouders hun verslaafde ‘kind’ de deur uitzetten, het is genoeg geweest. Misschien vraag je je af of je ook, iets minder extreem dan, stappen in die richting moet nemen.

Ik zie eigenlijk geen onredelijke ouders. Ik zie wel worstelende ouders. Worstelend met de strijd tussen hun gevoel en verstand, tussen de liefde voor hun kind en de grenzen die ze willen bewaken mbt wat ze kunnen en willen opbrengen. Heen en weer geslingerd tussen hoop, vrees en vertrouwen.

We hebben allemaal het beste met onze kinderen voor. Dat er kinderen zijn die, zonder dat ze het zelf willen, het je wat moeilijker maken als ouders, is ook een gegeven. En dat dat voor ouders niet makkelijk is, soms uitermate ingewikkeld, is ook een open deur. De meeste ouders willen heel graag vertrouwen hebben, maar vinden het moeilijk. Niet omdat ze zo slecht van vertrouwen zijn, maar op grond van wat ze allemaal hebben meegemaakt. Ze willen hopen dat het allemaal goedkomt, of allemaal goed blijft gaan, maar tegelijkertijd vinden ze het lastig. Want ze hebben al eerder meegemaakt dat ze hoopten en dat liep ook niet altijd zo goed af.

Als ouder ben je bang dat als je loslaat, je ‘kind’ valt en vrees je dat er niet wordt opgestaan.  

De waarheid is dat je dat ook niet zeker weet. Dat kán je niet zeker weten, daar zul je mee moeten leven. Je zult jezelf als het ware moeten trainen in het enigszins kunnen verdragen van de onzekerheid.

Loslaten is niet hetzelfde als “laten vallen”.

Loslaten betekent enige afstand nemen, zodat je ruimte geeft om te ontwikkelen. Je blijft altijd ouder, dus als adviseur (soms ongevraagd), opvangnet etc aanwezig.

Tot wanneer voed je dan op, tot welke leeftijd?

Jongeren met AD(H)D ontwikkelen zich wat trager dan jongeren zonder AD(H)D, dus is het volstrekt logisch in mijn ogen dat je je er ook wat langer tegenaan bemoeit. Met 18 jaar is de gemiddelde AD(H)D’er nog niet echt volwassen en vaak minder zelfstandig en bewust dan leeftijdgenoten, er is nog wat extra tijd nodig. Bovendien is de jong volwassen leeftijd een leeftijd waarop enorm veel gebeurd, er wordt in deze periode een belangrijke basis voor het volwassen leven (met AD(H)D) gelegd. Dus ze het zelf maar laten uitzoeken met 18 jaar, terwijl je kunt voorspellen dat je kind het niet redt, is dan ook zinloos. Je kunt best nog een tijdje structuur, een luisterend oor, adviezen en begeleiding geven.

Maar tot je 30ste thuis wonen is het andere uiterste. Dan staat een ontwikkeling stil. Dan moet je grenzen stellen, uiteraard al eerder. 

Dan zul je de ontwikkeling moeten stimuleren, door los te gaan laten. Of het dan goed gaat weet je niet, maar dat moet je hopen en op durven vertrouwen. En als het niet goed gaat, is dat misschien eerst nodig.  Zodat iemand zelf zijn verantwoordelijkheid kan nemen voor zijn leven en zelf het tij kan keren. Je blijft als vangnet en adviseur beschikbaar, maar het zich ontwikkelen, stappen zetten, moet je ‘kind’ echt zelf doen.

Het besef dat jij als ouder uiteindelijk niet degene bent die voor het geluk van je ‘kind’ kan zorgen, kan een heel pijnlijk besef zijn. Tegelijkertijd is het ook een bevrijding, je kunt niet andermans leven leiden. Niet met een korte ei en ook niet met een lange ij. 

Uiteindelijk moet je zoon of dochter het echt zelf doen. Je kunt niet blijven beschermen, blijven vasthouden. Ook iemand met AD(H)D moet leren van zijn fouten. Ook iemand met AD(H)D moet kunnen vallen en weer opstaan. Zelfvertrouwen en veerkracht kunnen ontwikkelen. Niet vallen en opstaan is stilstaan en stilstaan is uiteindelijk geen ontwikkeling.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *